het instrument
Waarom Chopin een Pleyel wilde
De Franse pianobouwer achter het instrument in de salon, en wat Chopin ervan vond.
Reserveer plaatsen voor het Chopin-recital ↗Pleyel in zes feiten
| Feit | Detail |
|---|---|
| Opgericht | in 1807, door de componist Ignace Pleyel |
| Chopins oordeel | Hij beoordeelde Pleyel-piano's als non plus ultra |
| Een primeur in de piano | Pleyel introduceerde het metalen frame |
| Chopins debuut in Parijs | 26 februari 1832, in de Pleyel-salons aan 9 rue Cadet |
| De Salle Pleyel | Een zaal voor driehonderd personen, waar hij bijna elk jaar een concert gaf |
| Een origineel in Warschau | Een Pleyel uit 1830 die door Chopin werd bespeeld, bevindt zich in de collectie van het Fryderyk Chopin Instituut |
Een firma opgericht door een componist
Ignace Pleyel was componist voordat hij fabrikant werd, en hij richtte het bedrijf op in 1807. Zijn zoon Camille trad in 1815 bij hem in dienst, en in 1834 telde het atelier 250 medewerkers en werden er ongeveer duizend piano's per jaar gemaakt.
Chopins oordeel
Chopin beschouwde Pleyel-piano's als non plus ultra, het Latijn voor niets daarboven. Hij hield dezelfde mening aan wanneer hij in het openbaar speelde: zijn eerste Parijse concert, in 1832, vond plaats in de Pleyel-salons, en later gebruikte hij de Salle Pleyel voor zijn jaarlijkse concert.
Het metalen frame
Pleyels bekendste technische stap was het inbouwen van een metalen frame in een piano. Het was een primeur, en het onderscheidde het bedrijf van zijn rivalen.
Pleyel in Warschau
Een Pleyel die Chopin gebruikte, gebouwd in 1830, bevindt zich nu in de collectie van het Fryderyk Chopin Instituut in Warschau. In 2009 bouwde Pleyel een replica ervan aan de hand van de originele plannen.
Het instrument in de salon
Het concertgebouw speelt zijn recitals op een historische Pleyel. De organisator omschrijft het als een instrument van het merk dat Chopin als ideaal beschouwde. Beschouw het als een historische Pleyel, niet als een van Chopins eigen instrumenten.
Waar u naar moet luisteren
Tijdgenoten beschreven Chopins eigen spel als gericht op expressieve frasering, ritmische vastheid en gevoelige kleuring. Een kleine ruimte is de plek waar een dergelijke aanslag het gemakkelijkst te horen is, welke pianist ook achter de toetsen zit.